Staal, chemicaliën en plastics zijn de bouwstenen voor de maakindustrie. In fabrieken maken die er auto's, meubels of andere spullen van. Maar de laatste jaren hebben Europese makers van deze bouwstenen het zwaar. Zo betalen ze bijvoorbeeld meer voor energie dan Chinese en Amerikaanse concurrenten. Experts als voormalig ECB-topman Mario Draghi zijn bang dat fabrieken vertrekken of sluiten. Net nu Europa minder afhankelijk probeert te worden van bijvoorbeeld datzelfde China. Mede daarom kwam de Europese Unie in juli met een versoepeling van de belangrijkste klimaatregel die bedrijven laat betalen voor hun uitstoot. Bedrijven krijgen langer de tijd, en meer hulp, om hun CO2-uitstoot naar nul te brengen. Maar om de energiekosten van bedrijven te verlagen zijn de plannen niet erg effectief, stelt een rapport van het Centraal Planbureau (CPB) en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). "We krijgen er niet zoveel prijsverlaging uit", zegt CPB-onderzoeker Herman Vollebergh, "maar je krijgt er wel een heleboel extra CO2-emissies voor terug." Andere maatregelen effectiever Vollebergh zegt dat de plannen de energiekosten wel drukken, maar dat dit voor de meeste bedrijven te weinig is om te